Zonder e-learning heeft een leven lang ontwikkelen geen toekomst

De noodzaak van een leven lang ontwikkelen staat buiten kijf. Digitalisering leidt ertoe dat organisaties in steeds hoger tempo moeten verbeteren en innoveren. Als gevolg hiervan zullen ook werknemers zich continu verder moeten ontwikkelen en professionaliseren. Maar de realiteit is dat er nog steeds veel drempels zijn die verhinderen dat werknemers zich voortdurend kunnen en willen blijven ontwikkelen. Naar onze vaste overtuiging speelt e-learning een cruciale rol in het slechten van deze drempels.

Deze drempels zijn:

  • Kosten. Daarbij gaat het niet alleen om de kosten van deelname, maar ook om reis- en verblijfskosten en ‘verletkosten’ (werknemers kunnen niet werken en vervangen moeten worden).
  • Geen toegankelijk onderwijs. Daartoe behoren bijvoorbeeld toelatingseisen, maar ook de fysieke afstand tot de instellingen.
  • De complexiteit om privé, werk en leren met elkaar te kunnen combineren.
  • Opleidingsaanbod dat niet is afgestemd op de behoeften en kenmerken van deelnemers. Er wordt onvoldoende rekening gehouden met individuele verschillen en omstandigheden van deelnemers.
  • Mentale belemmeringen zoals geen stimulerende persoonlijke omgeving, weinig aspiratie of negatieve schoolervaringen.

Bij e-learning leer je voornamelijk online. Bijvoorbeeld tijdens een webinar of online cursus met veel interactie. E-learning kan een leven lang ontwikkelen stimuleren door drempels weg te nemen en het aanbod beter af te stemmen op behoeften van deelnemers. We geven enkele voorbeelden van hoe deze drempels overkomen kunnen worden.

Kosten

Deelnemers hoeven minder te reizen en zijn minder afwezig vanwege deelname aan een leven lang ontwikkelen. Een ‘leven lang ontwikkelen’ zou overigens niet als een kostenpost beschouwd moeten worden, maar als een noodzakelijke investering voor alle partijen; overheid, de organisatie én het individu zelf.

Leren op een plek naar keuze en in eigen tijd vergt echter veel van deelnemers. Ze moeten hun eigen leren erg goed kunnen sturen. Ook ervaren deelnemers een psychologische afstand als er geen ontmoeting is met andere mensen. Virtual classes komen hierin tegemoet en bieden structuur en regelmaat.

Toegankelijkheid

E-learning kan op verschillende manieren de toegankelijkheid vergroten. Veel cursussen van de Open Universiteit hebben bijvoorbeeld geen vooropleidingseisen. Verder is bij e-learning geen sprake van een fysieke afstand tot de instelling. Een voorbeeld zijn ‘virtual classes’. Hierbij ontmoeten deelnemers en de docent elkaar online, op hetzelfde tijdstip. De docent kan toelichtingen geven en het gesprek aangaan met de deelnemers. ‘Virtual classes’ zijn minder flexibel dan online programma’s die deelnemers plaats onafhankelijk en in eigen tijd en tempo kunnen volgen. Leren op een plek naar keuze en in eigen tijd vergt echter veel van deelnemers. Ze moeten hun eigen leren erg goed kunnen sturen. Ook ervaren deelnemers een psychologische afstand als er geen ontmoeting is met andere mensen. Virtual classes komen hierin tegemoet en bieden structuur en regelmaat. Dit vergroot het ‘engagement’ van studenten, en draagt ertoe bij dat deelnemers minder snel uitvallen.

Privé, werk en leren combineren

Dankzij e-learning is het mogelijk voor deelnemers om te leren op momenten dat het hen uitkomt. De locatie waar mensen kunnen werken doet er niet toe, deelnemers zijn niet gebonden aan tijden en er kan geleerd worden in een eigen tempo.

Rekening houden met behoeften

Hoe langer een studie, hoe minder deelnemers er vaak zijn. Meer omvangrijke programma’s kennen een hoge drempel, zowel qua kosten als ook qua tijdsinvestering. Gelukkig is het steeds vaker mogelijk om online aanbod van een kleinere omvang te bestuderen, waarbij deelnemers de inhoud direct kunnen toepassen op de eigen praktijksituatie. Steeds meer aanbieders verkopen bijvoorbeeld gecertificeerde programma’s die bestaan uit korte online cursussen. Deelnemers kunnen ervoor kiezen om eerst een korte cursus met certificaat te volgen, en later beslissen of zij een volledig programma willen voltooien. Dat bestaat uit vier cursussen die samen een geheel vormen. Binnen deze cursussen werken zij bijvoorbeeld aan de analyse van een vraagstuk van de eigen organisatie.

Deelnemers kunnen ook kiezen voor een gratis versie van een online cursus om te kijken of de manier van leren en de inhoud past bij hun behoeftes. Vervolgens kunnen zij ervoor kiezen om tegen betaling de gecertificeerde versie te volgen, dit werkt volgens het freemium model. Een voorbeeld is de online cursus Big Data & Statistiek van de Open Universiteit, CBS en Zuyd Hogeschool. Deze cursus kent zo’n 900 deelnemers, waarvan meer dan één derde heeft gekozen voor de gecertificeerde variant.

Ontwikkelingen op het gebied van big data en kunstmatige intelligentie kunnen ervoor zorgen dat e-learning vele malen beter aansluit op behoeften en kenmerken van deelnemers.

Tenslotte kunnen ontwikkelingen op het gebied van big data en kunstmatige intelligentie ervoor zorgen dat e-learning vele malen beter aansluit op behoeften en kenmerken van deelnemers. Op basis van de analyse van online studiegedrag kunnen deelnemers gepersonaliseerde leerpaden volgen die het studiesucces – én plezier verbeteren. Het programma houdt dan meer rekening met de voorkennis van deelnemers, waardoor de inhoud van het programma zich kan aanpassen op wat een deelnemer al weet.

Mentale belemmeringen

Tot slot de mentale belemmeringen, deze zijn het moeilijkst te slechten. Je kunt potentiële deelnemers hooguit proberen op een goede manier te adviseren en te verleiden met de voordelen van e-learning. Ook valt te denken aan intake-achtige settingen waarbij simpele, bestaande technologie als Facetime wordt gebruikt voor informatie en advies.

Kortom, een leven lang ontwikkelen wordt nog te veel belemmerd, en e-learning biedt voor veel van deze belemmeringen goede oplossingen waarbij de potentie van AI gigantisch kan zijn. Daarom zal een leven lang ontwikkelen steeds vaker via e-learning vorm krijgen.



Drs. Wilfred Rubens heeft ‘leren van volwassenen’ gestudeerd (specialisatie van pedagogische wetenschappen), en onderwijsmanagement. Hij houdt zich al bijna 25 jaar bezig met e-learning. Sinds 2015 werkt hij als zelfstandig en onafhankelijk adviseur, projectleider en docent en is hij bezig met het versterken van leren en ontwikkelen met behulp van ICT. Op dit moment is hij onder meer werkzaam voor de Open Universiteit, waar hij betrokken is bij de ontwikkeling van nieuwe producten en diensten het gebied van een leven lang leren.

Op 12 november staat hij op het podium van Toekomst van Onderwijs.

Dit stuk is geschreven samen met Prof. Dr. Gerard Mertens.