Waar de potentie zit van radicale versnelling

In het debat over duurzaamheid lukt het moeilijk om te focussen op de concrete oplossingen. De politiek lijkt het te hebben omarmt echter door sterke polarisatie in het huidige tijdsgewricht is men er ofwel radicaal voor ofwel radicaal tegen. De discussie wordt vaak platgeslagen tot de vraag wie de rekening gaat betalen en in het ergste geval wordt zelfs de noodzaak in twijfel getrokken.

Het punt is dat we de tijd en de luxe niet hebben om hier lang in te blijven hangen. De urgentie van de gevolgen van met name CO2 uitstoot is zo hoog dat we nu moeten handelen met eenzelfde voortvarendheid als in de tijd van het Deltaplan. Laten we een nieuw Deltaplan maken dat ons net als het oude gaat beschermen tegen overstromingen in de toekomst. Want het fnuikende is dat de potentie van overstroming er veel minder direct is als tijdens de watersnoodramp uit 1953 maar uiteindelijk veel desastreuzer uit kan pakken.

Los van de emotie die duurzaamheid met zich meebrengt is er ook een grote spraakverwarring wat nu eigenlijk wordt bedoeld met duurzaamheid. Voor de ene gaat dit primair over CO2 inperking door energiebesparing, slimme mobiliteit en duurzame opwekking van energie. Voor de ander gaat het over uitputting van grondstoffen en (drink)watertekorten. Terwijl anderen juist focussen op het redden van de natuur door versterken van de biodiversiteit door onze steden natuur-inclusief te transformeren om ze gezonder en leefbaar te houden in de toekomst.

Wat het zo razend complex maakt is dat het allemaal waar is en dat er geen quick fixes zijn. Het Deltaplan 2.0 is een veelkoppig plan en moet dit allemaal in zich hebben. Om dat te bereiken hebben we hele intensieve, creatieve en intelligente samenwerking van alle beroepsgroepen nodig. Want het idee dat de technologische innovaties het wel gaan oplossen is slechts ten dele waar.

“Wat wel spectaculair veranderd is, zijn de softwarematige aansturingstechnieken, waardoor systemen met elkaar verbonden kunnen worden en energiestromen uitgewisseld.

Sinds de oprichting van ons architectenbureau in 1994 zetten wij nog steeds dezelfde technieken in. Die veranderen veel te langzaam. Lange termijn energieopslag (warmte- en koude) opslag in de bodem bestaat al 50 jaar. De zonnecellen hebben meer rendement gekregen maar staan nog steeds niet in verhouding tot de energieconsumptie in gebouwen. Wat wel spectaculair veranderd is, zijn de softwarematige aansturingstechnieken, waardoor systemen met elkaar verbonden kunnen worden en energiestromen uitgewisseld. Maar los van innovatieve technische ontwikkelingen waar we in moeten gaan investeren zit een groot deel van de oplossing in het aanhaken van de juridisch, planologisch en economische kennis. Volgens ons zit daar juist de potentie tot radicale versnelling in.

Neem als simpel voorbeeld: de warmte die over is van de bakkerij om de hoek kan technisch gezien eenvoudig aan worden gesloten op een woningblok die die warmte nodig heeft. Softwarematig kan de verrekening plaats vinden. Maar überhaupt een leiding door de grond van het ene perceel naar het ander krijgen is nagenoeg onmogelijk vanwege eigendomsgrenzen, planologische obstakels en financiering.  Kortom hier is juridische, planologische en economische innovatie voor nodig.

We zouden ook vanuit juridisch oogpunt kunnen voorstellen dat we vastleggen in de grondwet dat on-duurzaam ondernemen een milieudelict is. Nu zijn wij geen juristen en weten helemaal niet of dat kan maar als je kijkt op de website van de advocatenkantoren is het woord duurzaamheid maar moeilijk te vinden. Blijkbaar hebben zij ook nog moeite om het een plek van betekenis te geven, maar is dit wel de hoek van waaruit veel innovatie te verwachten is.

“Om werkelijk aan onze duurzaamheidsdoelstellingen te voldoen moeten steden veel meer op de zon worden georiënteerd en ruimte geven aan de natuur

Vanuit planologische oogpunt gezien moet er ook radicaal geïnnoveerd worden. Om werkelijk aan onze duurzaamheidsdoelstellingen te voldoen moeten steden veel meer op de zon worden georiënteerd en ruimte geven aan de natuur. Landelijk gezien moet er juist worden gepland vanuit openbaar vervoersknooppunten om het autogebruik rigoureus terug te dringen.

Maar de allerbelangrijkst stap is om financiële modellen te bedenken die duurzaamheid aantrekkelijk maken om in te investeren. Financiële innovaties moeten aantonen dat investeringen op de lange termijn in duurzame technieken zichzelf altijd terugverdienen. Duurzame innovaties moeten gaan over niet snel geld verdienen maar waarde te creëren voor de toekomst. Want duurzaamheid is feitelijk met minder middelen meer maken, over het intelligent om gaan met de aarde.


Paul de Ruiter is als architect bekend om zijn duurzame architectuur, onder andere het hoofdkantoor van TNT in Hoofddorp en het QO-hotel Amsterdam. Hij draagt bij aan de nationale en internationale discussie rondom duurzaamheid, CO2-neutraal ontwerpen en duurzame certificeringsmethoden voor gebouwen. Hij is een internationaal veelgevraagd spreker, schrijft boeken en opiniestukken voor diverse vakbladen. Paul de Ruiter Architects werd in 1994 in Amsterdam opgericht.

Paul is spreker tijdens de derde avond van de serie De Pijn van de Energietransitie.

 

 

Noud Paes is sinds 2014 partner bij Paul de Ruiter Architects. Hij volgde na de HTS Bouwkunde in Heerlen de masteropleiding Architectuur aan de Technische Universiteit.

Noud is betrokken bij het gehele ontwerptraject van een groot deel van de projecten bij Paul de Ruiter Architects. De nadruk ligt hierbij op de eerste fase, waarin hij actuele duurzaamheidsthema’s concreet maakt.

Blijf op de hoogte!

Blijf op de hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van toekomstige NRC Live events? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief!

Suggesties voor een spreker?

Suggesties voor een spreker?

Ken jij iemand die goed zou kunnen spreken op een van onze events? Stel dan een spreker aan ons voor!