Stop met ‘one-size-fits-all’ benadering voor gezondheidszorgprofessionals 

De ‘one-size-fits-all’ benadering waarin alles wat kan moet, geeft geen passend antwoord op de vragen van grote groepen mensen met chronische aandoeningen, in het bijzonder die van ouderen. De zorg is reactief, en niet zelden schadelijk. Eenmaal patiënt blijf je patiënt, je ziekte lijkt soms belangrijker dan je gezondheid, genezen lijkt belangrijker dan voorkomen.

Ondertussen loopt het tekort aan verpleegkundigen de komende jaren verder op. De zuster is altijd druk. En de dokter heeft nooit tijd voor het echte verhaal en weet het altijd beter, ondanks alles wat geschreven is over gezamenlijke besluitvorming. En dan het torenhoge percentage burn-out onder artsen en verpleegkundigen, zelfs zij die studeren voor deze beroepen staan al onder druk.

“De zuster is altijd druk en de dokter heeft nooit tijd voor het echte verhaal”

Technologie als oplossing?

Volgens sommigen is dit alles een kwestie van tijd. Nog even en we hebben deze zorg en de daarbij behorende professionals niet meer nodig. Mensen lossen hun problemen zelf op, of beter nog, voorkomen dat ze ontstaan. Wearables, big data en kunstmatige intelligentie gaan er met elkaar voor zorgen dat mensen tijdig hun gedrag aanpassen om persoonlijke gezondheidsrisico’s te verkleinen en voorkomen daarmee toekomstige zorgvragen. Maar ook voor hen die de pech hebben wel ziek te worden zijn technologische oplossingen.

“Stop met 'one-size-fits-all' benadering voor gezondheidszorgprofessionals. Lees het opiniestuk dat Marieke Schuurmans @schuurmansMJ schreef voor de serie Preventie @nrclive ”
Tweet this!

De avatar verpleegkundige Molly begeleidt patiënten met chronisch hartfalen. Ze is nog een onderdeel van wetenschap meer dan van de dagelijkse zorg, maar ze is er en patiënten zijn blij met haar. Dat is geweldig, een avatar is vierentwintig uur per dag beschikbaar en nooit moe of met het verkeerde been uit bed gestapt.  Niet alleen Molly kan helpen. Robots zoals Zora, Tessa en Sophia kunnen eenzaamheid bestrijden en mensen stimuleren in hun dagelijkse zelfzorg, medicatie inname en een gezonde leefstijl. Ontzettend belangrijk, want niet iedereen kan alles zelf.

“Robots zoals Zora, Tessa en Sophia kunnen eenzaamheid bestrijden en mensen stimuleren in hun dagelijkse zelfzorg”

Recent betoogde de Amerikaanse journalist Tom Vanderbilt in het Financieel Dagblad dat toekomstvoorspellers vaak de plank misslaan. Naar zijn analyse focussen toekomstvoorspellers teveel op technologie en te weinig op menselijk gedrag.  Want hoewel de wereld waarin we leven en de risico’s die we lopen onvergelijkbaar zijn met die van tien jaar, laat staan honderd jaar geleden, en de technologische mogelijkheden eveneens, ons gedrag veranderen we niet makkelijk.  Dus voorlopig hebben we gezondheidszorg-professionals zoals verpleegkundigen en artsen nog wel even nodig.

IKEA-model van gezondheidszorg

Lang niet alle ziektes zijn te voorkomen en niet iedereen heeft in gelijke mate de mogelijkheden om ziektes te voorkomen of de verantwoordelijkheid te nemen voor zijn eigen gezondheid en zorg. Ook in een welvarend land als Nederland leven hoogopgeleiden niet alleen ruim zes jaar langer maar hebben ze ook nog eens gemiddeld vijftien jaar langer zonder lichamelijke beperkingen. Als we daar geen oog voor hebben schieten we door in de ‘eigen schuld dikke bult’ benadering van een zorgvraag of in het IKEA-model van gezondheidszorg ‘doe het zelf maar niet hier’.

Gezondheidszorg is een groot goed en is primair mensenwerk met ruim 200.000 verpleegkundigen, 70.000 artsen en bijna 40.000 fysiotherapeuten. Mensen die gekozen hebben voor een beroep in de gezondheidszorg. In veel gevallen omdat ze betekenis willen hebben voor anderen, willen bijdragen aan het welbevinden van mensen door ziekte te voorkomen, te bestrijden of de gevolgen ervan te beperken. Terwijl de vraagstukken in de gezondheidszorg in hoog tempo veranderen, veranderen professionals helaas niet als vanzelf mee, velen van hen werken en denken vanuit de kennis en inzichten waarmee ze zijn opgeleid of die via ingenieuze routes van wetenschappelijke studies en richtlijnen tot hen komen. Verandering komt daarnaast niet zelden op hun pad vanuit organisatorische contexten waar gedreven managers met de hand op de knip beter denken te weten wat de professional moet doen dan de professional zelf. De autonome beslissingsruimte van professionals is de afgelopen jaren steeds kleiner geworden, volgens experts een van de bronnen van de hoge burn-out cijfers.

Vakbekwaamheid alleen is niet genoeg

Wat betekent een nieuwe kijk op gezondheid en zorg voor de professionals in de zorg? Ook voor hen betekent het primair een gedragsverandering: een ander manier van kijken, denken en doen. Je kennis op een andere manier gebruiken, op een andere plaats, niet meer denken vanuit ziekte en zorg maar vanuit dagelijks functioneren, welzijn, veerkracht en eigen regie van mensen.

Dat lijkt simpel maar is het niet, veel professionals zijn daar nog niet op toegerust, ze zijn gevormd in hun vak in een sociale context.  Het besef dat professionaliteit niet alleen gaat over vakbekwaamheid, maar ook over samenwerkend vermogen en over lerend vermogen is nog niet breed doorgedrongen. In het dagelijks werk van de meeste verpleegkundigen is geen vrije ruimte om iets te leren, iets uit te zoeken, op te zoeken of met elkaar te bediscussiëren. De meeste scholing van artsen is formele scholing op congressen waar punten worden uitgedeeld voor deelname. Samen leren in teams, organisaties en netwerken, waar verschillende groepen professionals van en met elkaar, en van en met patiënten leren, is geen gemeengoed.

“In het dagelijks werk van de meeste verpleegkundigen is geen vrije ruimte om iets te leren”

Een andere manier van denken levert een andere manier van werken. Dat is wat we aan hogescholen onze studenten verpleegkunde en fysiotherapie leren via praktijkgericht onderzoek. Een onderzoekende houding, vragen stellen, vernieuwing vormgeven samen met patiënten, professionals, docenten en onderzoekers. Leren dat verandering de enige constante is.

Het ‘zo doen we het hier syndroom’

Helaas komen deze studenten vervolgens vaak in praktijken die nog gedomineerd worden door het ‘zo doen we het hier syndroom’.  Om dat te veranderen is meer nodig dan een cursus.  Wanneer een professional bijvoorbeeld een e-learning samen beslissen (shared decisionmaking) volgt maar de tijd per consult blijft maximaal tien minuten, veranderd er waarschijnlijk niets. De motivatie om iets met de opgedane kennis en vaardigheden te doen is dan snel weg. Wel bekwaam zijn maar geen gelegenheid hebben om iets toe te passen, neemt alle motivatie weg en geeft frustratie in de plaats.

Hoe motiveer je professionals tot verandering?  Door ze ruimte en vertrouwen te geven, door ze uit te dagen het ‘zo doen we het hier syndroom’ te overwinnen en te sturen op de zogeheten nieuwe professionaliteit. Hierin wordt vanuit visie gericht op gezamenlijke doelen gewerkt. Waar blijven leren, onderzoeken, vernieuwen in een team en met het team vanzelfsprekend zijn. Waar terugkoppeling op dat wat je bereikt bij patiënten plaatsvind in relatie tot dat wat je geleerd hebt, via zogeheten learning en performance analytics. Waarbij Molly, Zora en Sophia en andere vormen van technologische vernieuwing onderdeel worden van het professioneel handelen, in plaats van stukjes technologie die van over de schutting komen.

Gezondheidszorg is mensenwerk, de mensen die er werken vormen het kapitaal. Om dit kapitaal van waarde te laten zijn en blijven, is verandering nodig, bewustzijn dat dat niet vanzelf gaat en vraagt om ruimte. Het goede nieuws is dat die ruimte in de vorm van visie, leiderschapsstijl, gemeenschapsgevoel, leren weghalen van frustratie en ondoelmatigheid niet alleen betere zorg oplevert maar ook leuker werk. Minder burn-out en mensen die blijvend kiezen voor werken in de zorg. De urgentie om te leren en te veranderen was nog nooit zo groot.


Marieke Schuurmans is hoogleraar Verplegingswetenschap en werkzaam als opleidingsdirecteur Professionals in de zorg  in  het UMC Utrecht. Tot voor kort combineerde ze haar leerstoel met een lectoraat bij de Hogeschool Utrecht. Ruim twintig jaar heeft ze zich bezig gehouden met vraagstukken gericht op herstel van ouderen met meerdere chronische aandoeningen. Haar onderzoek is innovatief, praktijkgericht en in nauwe samenwerking met ouderen zelf en (aankomend) professionals.


In aanloop en tijdens onze serie Preventie en Gezondheid van NRC Live delen wij regelmatig opiniestukken van onze sprekers.

Blijf op de hoogte!

Blijf op de hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van toekomstige NRC Live events? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief!

Suggesties voor een spreker?

Suggesties voor een spreker?

Ken jij iemand die goed zou kunnen spreken op een van onze events? Stel dan een spreker aan ons voor!