Onderwijs in tijden van ontlezing

Als docenten in het HBO ervaren we dat onze studenten problemen hebben met het begrijpen van onze lessen en dat ze moeite hebben om hun studieboeken te lezen en te begrijpen. Tegelijk vertellen steeds meer studenten ons dat ze nooit boeken lezen. Een paar jaar geleden was het nog taboe om te zeggen dat je niet leest. Nu blijkbaar niet meer. Docenten klagen over de beperkte kennis van studenten. Studenten mopperen dat ze in colleges niets leren en voor hun toetsen stampen ze uittreksels waarin een levendige handel is op internet.

Diezelfde studenten hebben een schoolcarrière achter de rug die zich afspeelde in de tijd dat door de overheid ‘het opbrengstgericht werken’ gepromoot werd. Dit heeft helaas en onbedoeld geleid tot een situatie waarin vooral toetsresultaten er toe doen op school. De leerstof in de lesmethodes is gaan dienen als oefenstof om die toetsen te kunnen maken: teaching to the test. Leerlingen vullen eindeloos werkboeken -op papier of via oefensoftware- tot ze -hoera- dat felbegeerde havo/vwo-niveau halen. Niet dankzij, maar ondanks het onderwijs. En met veel credits voor een talige thuissituatie waar wordt (voor)gelezen, waar gesprekken zijn en af een toe eens een museum wordt bezocht.  En natuurlijk ook met credits voor al die leraren die doordacht,  rijk onderwijs geven van eigen makelij en weigeren zich te laten vangen in een versnipperd en op toetsen gericht systeem. Jammer voor de vele leerlingen die dat geluk thuis en op school niet hebben. Om hen ‘passend onderwijs’ te bieden, worden teksten op school verarmd en niveaugroepen ingericht waarin juist de leerlingen die méér zorg nodig hebben, minder lezen in versimpelde teksten. De onderwijsinspectie signaleert dan ook een toenemende kansenongelijkheid en een groei van het aantal laaggeletterden.

Te veel kinderen en jongeren lezen niet of nauwelijks meer en hebben daardoor flinke achterstanden in woordenschat en kennis.

Leesmotivatie beneden peil

Basis- en voorgezet onderwijs richten zich op vluchtige thema’s, verarmde teksten en losse lesjes. Samengebracht in saaie methodes die vaak meer plaatjes bevatten dan tekst. Uit internationaal onderzoek blijkt dat de leesmotivatie van Nederlandse leerlingen beneden alle peil is, terwijl aan het spellingonderwijs meer uren wordt besteed dan in andere landen. Te veel kinderen en jongeren lezen niet of nauwelijks meer en hebben daardoor flinke achterstanden in woordenschat en kennis. Ook hebben velen een vervormd beeld van leren. Werkelijk leren heeft immers niets te maken heeft met het opzoeken en kopiëren van splintertjes informatie op internet, met vluchtigheid, met ongeïnspireerde methodes, met of je je werkboek wel of niet helemaal ingevuld hebt en of je de door een ander gemaakte samenvatting er flink hebt ingestampt.

Hoe het anders kan?

Door als leraar (van primair onderwijs tot HBO) te lezen en voorlezen en lezen een prominente plek te geven in je rooster. Door samen met leerlingen/studenten op zoek te gaan naar hun ‘beslissende boek’. Dit is het boek waardoor zij zo gegrepen worden dat een gebrek aan leesconcentratie geen issue meer is. En dat maakt dat ze enthousiast een volgend boek zullen pakken. Gelukkig wordt in de voorstellen van Curriculum.nu het werken aan leesmotivatie als kernelement van het vakgebied Nederlands gezien en staat ook het gebruik van rijke teksten centraal. Daarmee is er hoop op structurele aandacht voor de lees- en kennisontwikkeling van toekomstige generaties en ook voor de diepgang en kwaliteit van hun (digitale) geletterdheid. En laten we dit keer vooral voorkomen dat er  partijen opstaan die voor alle mooi geformuleerde doelen gedetailleerde subdoelen, gefragmenteerde methodes en multiple choice toetsen gaan ontwikkelen om er weer fijn ‘greep’ op te krijgen.

De lerarenopleidingen (en de universiteiten) zitten nu inderdaad vol niet lezende jongeren die een vervormd beeld hebben van leren. Maar dat is niet hun schuld. En er is tijd genoeg om het tij te keren. Dan moeten we als docenten primair, voortgezet, middelbaar en hoger onderwijs wel de handen ineen slaan en de oeverloze discussies over de status van onze vakken even laten voor wat ze zijn.



Dr. Anneke Smits is lector Onderwijsinnovatie en ICT bij Windesheim. Zij doet onderzoek naar e-didactiek en (digitale) geletterdheid en schrijft samen met Erna van Koeven een blog voor het werkveld met de titel Geletterdheid en Schoolsucces.

Anneke staat op 12 november in het programma van Toekomst van Onderwijs. Van leesoffensief naar leesbevordering in de praktijk: in deze sessie bespreekt Anneke nieuwe inzichten over de relatie tussen lezen en leren en ook hoe je in je dagelijkse praktijk je leerlingen aan het lezen kunt krijgen.