Netbeheerder essentieel om zon op land te doen slagen

Stel, je wilt plaatsnemen in de Thalys, maar de stoel die vermeld staat op je ticket, blijkt al bezet. Dat is vervelend, maar het is een incidenteel, administratief probleem. En daarom valt er meestal wel een mouw aan te passen. Het wordt anders als er in zeer korte tijd een structurele stroom nieuwe reizigers voor een HSL-traject ontstaat. Daardoor wordt de langetermijnplanning, die op het spoor zo belangrijk is, ernstig verstoord. Dat geldt ook voor het transport van honderden extra megawatts aan elektronen van wind- of zonneparken. Regionale samenwerking tussen provincie, gemeenten, marktpartijen en netbeheerders is daarom een must. Bijvoorbeeld om te voorkomen dat zonneparken worden vergund op plekken waar geen capaciteit meer is.

Bij zonnepanelen op woningen zien wij een gestage groei met zo’n 30% per jaar. Een groei die wij vrij makkelijk kunnen bijhouden, omdat we deze ook zagen aankomen en het zich geleidelijk ontwikkelt. Echter, het tekort aan netcapaciteit in delen van Nederland is ontstaan door de groei van zonneweiden (200% in de laatste vier jaar, van zo’n 400 naar 1200 megawatts) in combinatie met het gebrek aan tijd om de netten er tijdig op aan te passen. Zonneweiden zijn vaak binnen een paar maanden gerealiseerd. Bij de planning en bouw van windparken is een termijn van zo’n 10 jaar gemoeid. Hierdoor kunnen netbeheerders zich tijdig voorbereiden en eventuele uitbreidingen realiseren.

Voorkomen van wachtrijen
De voorbeelden laten zien dat de groei van lokale, duurzame energie niet zonder de netbeheerder kan. Anders gezegd: door de netbeheerders tijdig te betrekken bij de planning en efficiënte inpassing in de netwerken, kan veel tijdwinst worden behaald en geld worden bespaard. Bijvoorbeeld door zonneparken niet al te ver van een hoogspanningsstation van TenneT te plannen.
Doordat zonneweides in een kort tijdsbestek gerealiseerd worden, ontbreekt het netbeheerders aan voldoende tijd om noodzakelijke netaanpassingen te realiseren. Hierdoor vallen de maatschappelijke kosten hoger uit dan nodig is. Daarom pleiten wij ervoor dat de beschikbaarheid van netcapaciteit wordt meegewogen bij de toekenning van vergunningen voor grootschalige opwekking van zonne-energie. Hiermee wordt voorkomen dat de wachtrijen van zonneparken die er op sommige plekken nu al zijn, alleen maar groter worden, terwijl elders in het land nog volop ruimte is.

Regie voeren
Betere regievoering is overigens ook nuttig voor sturing op de hoeveelheid zonne-energie die er feitelijk nodig is om de duurzame doelstellingen te halen. Niemand zit te wachten op een overcapaciteit in de totale energiemix van 2030 en op onrendabele investeringen. Belangrijk, want alleen al voor de netwerken gaat het om veel geld. De regionale netbeheerders zoals Enexis voorzien tot 2030 3 miljard euro aan investeringen in de netten, TenneT als landelijke netbeheerder voor hoogspanning maar liefst 9 miljard euro.

Betere regievoering is overigens ook nuttig voor sturing op de hoeveelheid zonne-energie die er feitelijk nodig is om de duurzame doelstellingen te halen.

Er valt veel te winnen bij regionale samenwerking. Gelukkig heeft de rijksoverheid besloten om de klimaatplannen op regioniveau uit te werken in een regionale energiestrategie (RES). Daar zitten netbeheerders aan tafel met gemeenten, provincies , waterschappen en andere belanghebbenden. De informatie die op tafel komt om plannen voor zonne-, windenergie, warmte, de gebouwde omgeving en mobiliteit (elektrisch vervoer) te maken, bestaat uit heel veel data. Zoals gegevens over de ligging van hoog- en middenspanningstations (netbeheerder), over aanwezige natuur en recreatie (gemeente), over de plekken van gewas- en grasland, over mensen die door de plannen worden geraakt (marktpartijen), provinciale verordeningen (provincie), initiatieven voor zonneweiden etc. Door al deze informatie te combineren, kunnen de meest geschikte gebieden worden aangewezen voor vormen van duurzame opwek. Netbeheerders hebben veel informatie in huis die de slagingskans van projecten kan vergroten. Deze werkwijze leidt tot meer kosten-efficiëntie en bovendien is de kans groter dat de plannen draagvlak krijgen en worden goedgekeurd door bestuurders.

De energietransitie leidt tot een behoefte aan een ‘snelle’ aanpassing van de netwerken; er kan veel gerealiseerd worden (zoals aansluiting van vele megawatts voor zonneweiden en windparken) maar lang niet alles. Om teleurstelling te voorkomen en vooral om ervoor te zorgen dat de energietransitie de komende jaren op tempo blijft, gaan we nauwer samenwerken, plannen tijdig naast elkaar leggen en meer regie voeren. Met als doel realistisch en transparant te zijn over de (on)mogelijkheden van de netbeheerder, zodat de energietransitie niet wordt vertraagd door een gebrek aan capaciteit in het elektriciteitsnet.

 


Han Slootweg is Directeur Asset Management bij Enexis Netbeheer en deeltijdhoogleraar Smart Grids aan de faculteit Elektrotechniek van de Technische Universiteit Eindhoven. In beide rollen houdt hij zich bezig met innovatie in en verduurzaming van het energiesysteem, met bijzondere aandacht voor de functie van gas- en elektriciteitsnetten in het duurzame energiesysteem van de toekomst. Han ziet de energietransitie, de verduurzaming van onze energievoorziening als het belangrijkste topic voor de energie-industrie. In 2013 won hij de Dutch Power Award, die elke twee jaar wordt uitgereikt aan ‘een persoon of organisatie die een zichtbare bijdrage levert aan de Nederlandse energiesector en verbinding weet te leggen tussen verschillende partijen binnen deze sector.

Op de derde avond van de serie over de energietransitie op 25 juni  gaat Han o.a. in op hoe je als netbeheerder kunt helpen de energietransitie te versnellen tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. Van het bepalen van de locatie van nieuwe windmolens tot alternatieve warmtevoorzieningen.