Eenzijdige focus op hightech blokkeert de voedseltransitie

-5 minuten leestijd-

De standpunten in het debat over de toekomst van ons voedsel zijn bekend. Aan uw linkerhand: de bio-adepten, (slow) foodies, de milieubeweging en, sinds kort, de kruidenvrouwtjes. Kleinschalig, ambachtelijk en biologisch, willen zij. Aan uw rechterzijde: het grootkapitaal, multinationals, boze bedrijven en kille wetenschappers: technologie, en nietsontzienende grootschaligheid. Hoewel de gemiddelde consument die wel eens een krant leest, laat staan de zichzelf respecterende foodprofessional, beide standpunten en uitkomst van dit ‘debat’ vooraf kan dromen, wordt het ‘groot versus klein’, ‘high versus lowtech’ toneelstuk op menig platform, televisieprogramma maar ook in de Tweede Kamer wekelijks keurig opgevoerd.

Het is verleidelijk aan het einde van zo’n debat de ‘derde weg’ te kiezen: het is niet of-of, het is en-en! Hè, fijn, voor iedereen wat wils. Wie kan daar tegen zijn? Wie is er tegen technologie en duurzaamheid? Groot waar het moet en klein waar het kan? Tegen circulaire toekomstdromen en zoemende drones, bestuurd door glimlachende boeren die door zoveel wonder der techniek, eindelijk wat tijd heeft om met de kinderen een middagje naar het strand te gaan? Ik niet. Maar en-en is niet kiezen.

Het is verleidelijk aan het einde van zo’n debat de ‘derde weg’ te kiezen: het is niet of-of, het is en-en! Hè, fijn, voor iedereen wat wils. Wie kan daar tegen zijn?

Van tijd tot tijd presenteren zich ‘verlichte denkers’, die de tegenstrijdigheden tussen beide wereldbeelden, ofwel paradigma’s, naar het verleden verwijzen. Zo nu ook de schrijvers van het – overigens zeer lezenswaardige – boek ‘Ecomodernisme’. In het hoofdstuk over voeding en landbouw schetsen zij een optimistisch beeld van ‘ecologische intensivering’.

In werkelijkheid is het oude wijn in nieuwe zakken. In 2004 schreven Heasman & Lang al een gezaghebbend boek over de verhaallijnen, ofwel paradigma’s, die er bestaan over de toekomst van voedsel. Het dominante wereldbeeld van na de Tweede Wereldoorlog is geweest het Productionisme: zoveel mogelijk calorieën voor een zo laag mogelijke prijs. Toen in de jaren ‘60 en ‘70 de negatieve effecten hiervan op mens, dier en milieu duidelijk werden, ontstonden er twee stromingen: de hierboven genoemde ‘klein, low tech’ vs ‘groot, high tech’ verhalen. Heasman & Lang voorspelden al dat deze verhalen zich zouden ontwikkelen tot nieuwe paradigma’s: aan de ene kant het ‘Life Sciences Integrated’ paradigma: high tech maar wel post-chemie, en aan de andere kant het Ecologically Integrated paradigma: kleinschalig, regionaal, wel modern (urban/vertical farming) maar ontwikkeld vanuit ecosysteem gedachte. Zie hier: ecomodernisme ten opzichte van de ‘nieuwe’ millieudenkers, waar ikzelf me ook eerlijkheidshalve toe moet rekenen. Ken uw wereldbeeld.

De discussie over de rol van high tech in de landbouw is onzinnig en vertraagt de transitie.

Waarom is het dan toch zinnig om zoveel woorden te verspillen aan deze discussie? Omdat de discussie niet onschuldig is. Paradigma’s zijn uitermate belangrijk in de ontwikkeling, ofwel transitie, van complexe systemen zoals het voedselsysteem. Paradigma’s zijn sterk leidend in beleidsbeslissingen en bijvoorbeeld het Europese landbouwbeleid. De discussie over de rol van high tech in de landbouw is onzinnig en vertraagt de transitie. Niemand is tegen technologie, onze levens veranderen in sneltreinvaart te goede en te kwade door de steeds sneller ontwikkelende technologie. Technologie zal zijn, en we kunnen ons nu met geen mogelijkheid voorstellen hoe dat zal zijn in 2040 (weet u nog, 23 jaar gelden, pre-internet, GPS en smartphones?).

Het gaat erom: welke keuzes worden er nu gemaakt om het voedselsysteem van de toekomst vorm te geven? En hier maken beleidsmakers, door geen keuzes te maken, de verkeerde keuzes. Het innovatiebeleid, topsectorenbeleid en Europees landbouwbeleid is honderd (oké, 99) procent ingericht op het productionistische paradigma. Terwijl evident is dat productionisme zorgt voor overproductie, milieuvervuiling en arme boeren. Boeren die anders willen, verbreden, kunnen niet bij innovatiegelden komen. Innovatie is high tech, start-ups, algen, insecten en drones. Er is maar één richting, en dat is productionisme in een nieuw, high tech jasje.

In deze fase van de transitie moeten alle richtingen ondersteund worden: en dat gaat pijn doen bij de status quo.

Terwijl juist in deze fase van de transitie, de innovaties en veranderingen alle kanten op schieten. Vroeger at je of ‘slow’ of ‘fast’, tegenwoordig bestel je razendsnel via internet een ambachtelijke maaltijd. Fastfoodketens pronken met biologisch en grasgevoerd, en high tech insectenproducenten zoeken ‘foodies’ als primaire doelgroep. In deze fase van de transitie moeten alle richtingen ondersteund worden: en dat gaat pijn doen bij de status quo. Ik pleit voor het volledig op zijn kop zetten van ‘innovatie- en topsectorenbeleid’. En Nederland in Europa vol in de aanval op de productionistische langspeelplaatgroef in het Europese Landbouwbeleid. De volgende fase in de transitie zal moeten aanbreken.


Joris Lohman (1985) is oprichter van Food Hub. Food Hub helpt bedrijven, overheden, sectoren en professionals om de veranderende wereld van voedsel en landbouw beter te begrijpen en heeft als missie de voedseltransitie te versnellen, onder andere door het ontwikkelen van opleidingen, trainingen en vernieuwende vormen van voedseleducatie.


Agrifood & Tech | 1 juni 2017

Joris is spreker tijdens het event Agrifood & Tech op 1 juni aanstaande. NRC Live deelt iedere week één of meerdere (opinie)stukken van sprekers.

Bekijk het programma

Blijf op de hoogte!

Blijf op de hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van toekomstige NRC Live events? Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief!

Suggesties voor een spreker?

Suggesties voor een spreker?

Ken jij iemand die goed zou kunnen spreken op een van onze events? Stel dan een spreker aan ons voor!