Duurzaamheid is meer dan CO2 reductie en prijs alleen

Hoe weeg je de milieueffecten en dierenwelzijn, gezondheid voor de mens, én de businesscase voor producenten en supermarkten tegen elkaar af? Mijn eerste les in deze integrale afweging was wellicht toen een goede vriend in de jaren ‘90 promoveerde op kippenstal-ontwerpen. Mijn vriend bewees de integrale ‘people-planet-profit’ gedachte in het ontwerp van stallen te kunnen verwerken. Ik heb om deze reden jarenlang volière eieren gekocht, ook ter ere van zijn promotie! Mijn vriend leerde mij de belangrijke les dat je met het verduurzamen van ons voedsel rekening moet houden met vele factoren, waarbij het beste resultaat op één factor vaak niet het optimum betekent.

De waarde van deze les blijkt ook uit de productie van kippenvlees. Een bekend voorbeeld  in het integraal duurzaamheidsdenken zijn de langzaam en snelgroeiende kippenrassen. De CO2-footprint van de snelgroeiende kip (plof) is het gunstigst. Maar willen we dat echt? Nee, bijna alle supermarkten verkopen tegenwoordig kippenvlees van rassen die wat langzamer groeien dan voorheen.  Beter voor het dierenwelzijn en een goede businesscase voor allen in de keten.

Tonnenjacht of integraal duurzaamheidsbeleid
Wat bleek in 2018 aan de klimaattafels? We waren allemaal op tonnenjacht. CO2 -tonnenjacht. En in deze jacht leek het soms of de integraliteitsduurzaamheidsprincipes die ik toepas er niet meer toe deden. Het reduceren van CO2– was het allerbelangrijkste.

Inmiddels stond CO2-beprijzing ook in het centrum van de politieke discussie. De hogere ETS CO2-prijs, een hogere ODE-belasting, een extra Nederlandse heffing: een platte heffing, een verstandige heffing, een generieke heffing, een heffing aan de marge, wie kon het nog volgen? Uiteraard is het een immense opgave om in 2050 CO2-neutraal te zijn, je zou inderdaad alle focus op CO2 willen leggen. Ook is het terecht dat we in de westerse wereld, waar we kunnen investeren in de grootste transitie sinds jaren, het voortouw nemen.

Maar hoe bepaal je de trade-offs voor industriële CO2-uitstoot in een ‘people – planet – profit’ gedachte? En welke aspecten neem je mee? De Haagse klimaatdiscussie werd in de afgelopen maanden gedomineerd door CO2 en betaalbaarheid. Kunnen burgers de transitie wel meemaken en betalen bedrijven wel genoeg? Behoud van werkgelegenheid komt dan snel om de hoek kijken. Hopelijk kunnen het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Centraal Planbureau (CPB) dit goed meenemen in hun doorrekeningen die momenteel plaatsvinden. En dat zijn nog maar twee dimensies: banen en CO2-reductie. De werkelijkheid en de afwegingen die gemaakt moeten worden, zijn uiteraard vele malen complexer.

“Ik hoop op een robuuste Europese standaard. Een niet eenvoudige maar wel zeer belangrijke stap.

Is plantaardig in alle gevallen beter?
Binnen enkele jaren verwachten we transparantie van de CO2-footprint van producten. De methodologie is volop in ontwikkeling. Ik hoop op een robuuste Europese standaard. Een niet eenvoudige maar wel zeer belangrijke stap. Het zal ons namelijk helpen in de keuze rond de oorsprong van onze eiwitten. We zullen gaan zien hoe rund, kip, varken, kaas, peulvruchten en allerlei vleesvervangers zich daadwerkelijk tot elkaar verhouden. Daarbij zullen alle aspecten als veevoer maar ook processing gewogen worden. Dan zal blijken dat de verschillen in footprint tussen bijvoorbeeld kip en vleesvervangers klein zijn, terwijl bijvoorbeeld binnen één categorie de verschillen best groot. Daarmee verwacht ik dat de soms gesimplificeerde plantaardig-dierlijk discussie in het juiste perspectief wordt gezet.

Integraal duurzaamheidsbeleid in de levensmiddelenindustrie
In de levensmiddelenindustrie wordt al jaren gewerkt aan energiereductie. Zo heeft de Suiker Unie 50% energie bespaard per kilo suiker sinds 1990 en 40% van de CO2 uitstoot. Dat ging met enorme investeringen gepaard. En grote besparingen natuurlijk. Duurzamer is niet altijd duurder. Suiker Unie is tevens de grootste groen gas producent in Nederland, waarbij uit de suikerrijke puntjes en staartjes die afbreken, gas wordt geproduceerd, waar nu al zeven vrachtauto’s op rijden. Nutricia in Haps (bij Cuijck) heeft recent een nieuwe fabriek gebouwd voor specialty babyvoeding  die 50% zuiniger is dan de vorige generatie fabrieken.

De aardappel als accu!
Waar voor veel bedrijven besparingen nog altijd mogelijk zijn, is de grote uitdaging om de CO2- uitstoot in absolute zin te halveren voor 2030. Electrificatie, generatie en inkoop van groene stroom zal een flink deel voor haar rekening nemen. Hier zitten  slimme innovatieve oplossingen in de pijplijn. Zo is Aviko bezig om een hyperefficiënt vrieshuis te bouwen dat als een accu kan dienen voor opslag van lokaal overschot van zonne- en wind-energie. Als er een overschot is aan wind of zonne-energie, kan dit worden opgeslagen door de temperatuur van de bevroren producten verder te verlagen. En andersom, op momenten waarop de vraag naar elektriciteit hoog is, kan Aviko direct haar compressoren uitzetten. Een prachtige ontwikkeling.

Samenwerking en integraliteit: twee sleutelwoorden voor verduurzaming in de agrifood. Ook als we op CO2-tonnenjacht zijn!


Marian Geluk is sinds mei 2017 directeur van de Federatie Nederlandse Levensmiddelenindustrie (FNLI). Daarvoor was zij directeur van het Top Institute Food & Nutrition (TiFN) in Wageningen. Marian is opgeleid tot biochemicus en heeft sinds 1992 altijd in en voor de levensmiddelenindustrie gewerkt bij resp. Unilever, NIZO food research en Wageningen UR. Ook heeft ze een innovatieplatform geleid in Chili voor de nationale agri-food sector.

Marian Geluk was spreker tijdens AgriFood 2019.