Draagvlak of meedoen?

Veel burgers zijn een beetje bang voor de energietransitie. Ze denken dat ze het niet kunnen betalen, dat ze hun auto moeten wegdoen of dat ze geen gehaktballen meer mogen eten. Ze worden extra angstig als ze politici horen bakkeleien over alle miljarden, die het gaat kosten tot 2050. De reactie van beleidsmakers is steevast: We moeten de burgers meenemen. Of: er moet meer participatie komen, dan wel we gaan het draagvlak vergroten.

Hierachter zit de gedachte dat het bedrijfsleven en de overheid samen regisseren. Zo zegt de overheid: isoleren? Doe dat nu maar niet. Wacht maar tot de gemeente vertelt welke energievoorziening er in je wijk komt. Burgers, blijf maar passief, is de les. Wacht maar tot de overheid vertelt wat er moet gebeuren. Beleidsmakers willen zo ontzorgen. Ondertussen betalen burgers wel de rekening. De formule Linksom of rechtsom de burger moet toch alles betalen, past in dit beeld. Alsof het niet uitmaakt hoe de transitie wordt aangepakt, omdat de burger het toch wel betaalt.

Juist enthousiasme, betrokkenheid en creativiteit van burgers bepalen uiteindelijk de energietransitie. Ze zouden er ook plezier aan kunnen beleven.

Juist enthousiasme, betrokkenheid en creativiteit van burgers bepalen uiteindelijk de energietransitie. Ze zouden er ook plezier aan kunnen beleven. Dat wordt nu uit het oog verloren. Bedenkers van maatregelen denken meestal primair aan de resultaten en niet aan de burger, die ermee gaat leven of die erdoor geraakt wordt. Neem bijvoorbeeld de slimme meter, die de consumenten zelf betaalden via hun energierekening. Deze biedt een uitgelezen kans om hen op de hoogte te brengen van hun energiegebruik. Met zo’n scherm besparen consumenten gemiddeld 120 euro per jaar, zo blijkt uit onderzoek. Daar kan geen warme truiendag tegenop. In Engeland krijgen de afnemers dan ook een los schermpje meegeleverd, waarop te zien is hoeveel zij per uur, per dag of per maand gebruiken en wat dat kost. Hier moeten consumenten dat zelf aanschaffen. De meeste mensen doen dat niet, omdat zij de voordelen niet snappen. Zij worden zo niet meegenomen.

Burgers maken gretig gebruik van de salderingsregeling voor zonnepanelen. Niets blijkt zo besmettelijk als milieubewustzijn. Als een paar huizen in de straat panelen hebben, volgen er meer. Bovendien lokt het uit tot besparing. Consumenten vergelijken onderling de prestaties of ze proberen hun hele verbruik te dekken met de opbrengst van de panelen. Maar het salderen wordt in 2023 afgeschaft. Nog niet duidelijk is wat ervoor in de plaats komt. Natuurlijk zijn er nadelen aan de regeling. Maar afschaffen is prematuur, zeker omdat consumenten nog nauwelijks mogelijkheden hebben om zelf geproduceerde elektriciteit te delen of samen op te slaan. Pas als dat geregeld is, hebben zij goede alternatieven voor salderen. Dan kunnen zij zelf aan de slag.

In veel landen zijn windparken, zonneparken en warmtenetten in handen van coöperaties van burgers. Deze bepalen dan zelf waar de windmolens komen, of hoe de warmtevoorziening wordt verduurzaamd. Dat vergroot het draagvlak enorm: als de ligging van dat lelijke zonnepark zelf is bedacht en het ook nog eens geld oplevert, kijkt de burger er anders tegenaan. Maar ons systeem is niet ingericht op lokale coöperaties. Zo is de wetgeving extreem ingewikkeld of het kan helemaal niet. Samen opslaan van duurzame energie wordt bijvoorbeeld nog steeds dubbel belast. Vereenvoudiging van wetgeving en het weghalen van onnodige barrières kan hier wonderen verrichten.

Consumenten moeten plezier kunnen beleven aan de transitie. Op dit moment horen ze vooral angstaanjagende verhalen over de kosten. De vervuiler betaalt te weinig, zo concludeert het PBL. Terwijl bedrijven jaarlijks 1,8 miljard euro minder betalen dan de milieuschade die zij veroorzaken, betalen burgers jaarlijks 2,8 miljard méér dan hun schade. Dit teveel kan de overheid weer in hen investeren. Dat maakt van alles mogelijk: lokale expertisecentra, goedkoop lenen voor coöperatieve infrastructuren en warmtebedrijven of programma’s voor verduurzaming van woningblokken. Zo wordt de energietransitie goed nieuws: meer woongenot in geïsoleerde woningen, minder fijnstof, een lagere rekening en ruime mogelijkheden om dat zelf te realiseren. Meedoen is leuker dan draagvlak verlenen voor andermans plannen.


Annelies Huygen is Senior Researcher bij TNO en is spreker op de tweede avond van de NRC Live serie ‘De Pijn van de Energietransitie’